Dit jaar werd Wall Street weer eens opgeschrikt door een handelsverlies van meer dan $2 miljard bij JP Morgan. Nu gebeurt het vaker dat met een opgezette optieconstructie, valutaswap of andere belegging iets compleet misgaat. Een overzicht: de tien grootste handelsverliezen ooit op een rij.
1.Vestia – meer dan €2 miljard
Vers in het geheugen en dichtbij huis. De Rotterdamse woningcorporatie Vestia maakte door beleggingen in rentederivaten een verlies van meer dan €2 miljard. Stichting Vestia Groep is inmiddels tot overeenstemming gekomen met een bankenconsortium over de afwikkeling van zijn derivatenportefeuille waarbij de banken zo’n 20-25% van het verlies kwijtschelden.
2. Metallgesellschaft - $1,3 miljard
Het Duitse Metallgesellschaft gokte in 1994 met futures op hogere olieprijzen. Maar de olieprijs daalde en onder leiding van topman Heinz Schimmelbusch rapporteerde het bedrijf een verlies van $1,3 miljard (toen nog 2,6 miljard Duitse marken). Schimmelbusch werd ontslagen en het bedrijf gered mede dankzij een “bailout” van $1,9 miljard door de banken die het bedrijf geld hadden geleend.
3.UBS “Rogue trade scandal” – $2,3 miljard
Kent u Kweku Adoboli nog? Nee? Nou bij UBS zijn ze hem zeker niet vergeten. De Zwitserse bank maakte september vorig jaar bekend $2,3 miljard verloren te hebben door wat later het “rogue trader scandal” zou gaan heten. Adoboli was de directeur van UBS-onderdeel Global Synthetic Equities Trading in Londen en speculeerde in derivaten op beursindices als de EuroStoxx, DAX en S&P 500. Adoboli zei in januari van dit jaar onschuldig te zijn. De rechtszaak volgt in september. Volgens de Daily Telegraph schreef hij vlak voordat de zaak boven water kwam op facebook “Ik heb een wonder nodig”.
4.Telegraaf Media Groep en ProSieben - €295 miljoen
Ok, niet het grootste verlies aller tijden, maar voor Nederlandse begrippen toch een aardige: de deal tussen Telegraaf Media Groep (TMG) en het Duitse mediabedrijf ProSieben. In juni 2007 kwam TMG met de eigenaren van ProSieben overeen om via een putoptie een strategisch belang van 12% te nemen. Een jaar later werd TMG door andere aandeelhouders gedwongen om de optie uit te oefenen om de aandelen in bezit te krijgen. De koers van ProSieben daalde echter flink en TMG moest daarom flink afschrijven op het belang. In 2008 werd €295 miljoen afgeboekt. TMG heeft nog steeds een belang van 6% in ProSieben dat het de laatste tijd best aardig doet.
5. Aracruz – $1 miljard
Het Braziliaanse Aracruz was ooit een van ‘s werelds grootste eucalyptus pulp producent. Drie jaar terug fuseerde het met VCP en werd het omgedoopt tot Fibria. Het concern gokte met valutaswaps op een stijgende real en een dalende Amerikaanse dollar, maar zoals wel vaker met dit soort zaken, het omgekeerde gebeurde en Aracruz kon $1 miljard afschrijven.
6. Long-Term Capital Management (LTCM) – meerdere miljarden in enkele weken
Het omvallen van LTCM mag gerust tot een van de meest spectaculaire faillissementen worden gerekend. Dit enorme hedge fonds verdiende geld door de kleine prijsverschillen tussen verschillende beleggingen op te zoeken, in jargon arbitrage. In de eerste jaren ging dit prima. Omdat Rusland niet langer in staat was te voldoen aan haar verplichtingen, brak er op de financiële markten in de zomer van 1998 wereldwijde paniek uit. LTCM raakte in de problemen omdat het werkte met een gigantische hedge: tegenover een eigen vermogen van $4,72 miljard dollar, stond $124,5 miljard aan geleend geld.
Binnen een paar weken in augustus en september was daar nog maar $600 miljoen van over, terwijl het nog voor miljarden aan derivaten op de balans had staan. Omdat de Federal Reserve vreesde voor een kettingreactie wegens het grote aantal openstaande derivatencontracten moesten alle bij de Fed aangesloten banken meerdere miljarden storten in een pot storten. Voormalig Fed-voorzitter Alan Greenspan verlaagde de rente fors, waarmee de markten werden gered. Dit soort rente-ingrepen kregen later de bijnaam “Greenspan-put”.
7. Yasuo Hamanaka – $2,6 miljard
De Japanner Yasuo Hamanaka stond in de jaren negentig aan het roer van de koperhandel van Sumitomo Corporation, een van de grootste handelshuizen in Japan. Hamanaka werd ook bekend als ”Mr. Copper” vanwege zijn agressieve handelsstijl en “Mr. Five Percent”; de jaarlijkse wereldwijde kopertoevoer die hij onder controle had. Het kostte wel een paar centen: in juni 1996 rapporteerde Sumitomo in eerste instantie een verlies van $1,8 miljard op “ongeautoriseerde” koperhandel op de London Metal Exchange. Enkele maanden later bleek het bedrag fors hoger te zijn: $2,6 miljard.
Hamanaka werd in 1998 veroordeeld tot acht jaar. Hij zat daarvan zeven jaar uit en kwam in 2005 vrij. Econoom Paul Krugman legt in “How Copper Came a Cropper” uit hoe dit kon gebeuren en maakte zich (toen al) hard voor meer regulatie.
8. Nick Leeson – $1,4 miljard
Uit de hand gelopen gokje met opties. Nick Leeson werd hoofd van de Singapore International Monetary Exchange van de Britse Barings Bank en samen met collega’s op de Japanse Osaka Securities Exchange arbitreerde hij in prijsverschillen in futures op de Japanse Nikkei. Leeson was in eerste instantie een prima werknemer en zorgde voor 10% van de inkomsten van de bank. Maar daarna ging het minder. De verliezen verstopte Leeson op een geheim bankrekeningnummer 88888, een Chinees geluksnummer. Wat begon met een verlies van 2 miljoen pond in 1992, was twee later al ruim 200 miljoen pond.
De echt grote klap kwam begin 1995 toen Leeson speculeerde op een stijging van de beurzen. Noem het pech, maar een dag later maar een dag later vond er in het Japanse Kobe een aardbeving plaats, ook wel de Grote Hanshin-aardbeving genoemd. De Aziatische beurzen kregen een flinke tik waardoor de verliezen van Leeson alleen maar verder opliepen. Om deze goed te maken speculeerde hij op een herstel, maar ook die bleef uit waardoor het verlies opliep naar $1,4 miljard. Leeson wist in zijn eentje de ooit ze trotse Britse bank ten onder te laten gaan. ING kocht later de restanten op.
9. Jérôme Kerviel – een miljard of vijf in euros
Het verlies die de Franse handelaar Jérôme Kerviel in 2008 voor zijn werkgever Société Générale maakte valt niet bepaald onder het kopje ‘peanuts’. Hij wist het controlesysteem van zijn bank te omzeilen en zo te verbergen dat hij eind 2007 en begin 2008 fors speculeerde met futures op een stijging van de Duitse DAX index en de Eurostoxx-index. Om de handel onder de pet te houden had hij een fictief bedrijf opgericht. Hij wilde de eventuele winst die hij zou maken niet zelf houden, maar terugsluizen om zo een hogere bonus te incasseren.
In totaal zou het gaan om een bedrag van bijna €5 miljard. De Franse bank zou het verlies daarbij hebben vergroot door de enorme posities van Kerviel in een klap af te bouwen. De val die de Europese beurzen die dag maakten werd volgens marktkenners door de acties van Société Générale verergerd.
10. JP Morgan – $2 miljard (and counting)
De Amerikaanse grootbank maakte begin mei bekend een handelsverlies in kredieteffecten te hebben van minimaal $2 miljard en daar komt mogelijk nog wel wat bij, want nog lang niet alle posities zijn afgebouwd. Het verlies is gemaakt bij onderdeel Chief Investement Office dat met zeer grote bedragen geld van de bank zelf, grotere en meer risicovollere transacties werden aangegaan met de focus op hedging. Hier was een gokje op kredietverzekeringen op bedrijfsleningen de boosdoener. Waar op een stijging werd gerekend, deed de markt het tegenovergestelde. JP Morgan-topman Jamie Dimon moest zelfs voor een senaatscommissie verschijnen om het incident toe te lichten. Wordt vervolgd, dus we houden de ontwikkelingen in de gaten.
